
Oké. Naar aanleiding van de podcast die we hier over gemaakt hebben: We gaan het hebben over borstkanker. Over die ene borst die je kwijt bent. Of over de deuk die er nog in zit, of de littekens die er op zitten. Over die nieuwe borst die je kreeg – gereconstrueerd met een implantaat of met eigen weefsel, of misschien een prothese. En over hoe die nieuwe borst zich soms gedraagt alsof hij een eigen wil heeft. Pijn. Asymmetrie. Gevoelloosheid. Een soms harde, ongemakkelijke aanwezigheid die je eraan herinnert dat je lichaam niet meer is zoals het was. Een verandering waar je je hoofd omheen moet krijgen, samen. Veranderingen die soms angst inboezemen.
Je nieuwe borst is een bitch. En dat mag je gewoon hardop zeggen.




BDSM en Borstkanker
Je nieuwe borst is een bitch. En dat mag je gewoon hardop zeggen.
Over borstkanker, littekens, angst, seks, intimiteit en een beetje overleven met een echte glimlach (die niet iedereen zal begrijpen).
Oké. Naar aanleiding van de podcast die we hier over gemaakt hebben gaan we het hier hebben over borstkanker. Over die ene borst die je kwijt bent. Of over de deuk die er nog in zit, of de littekens die er op zitten. Over die nieuwe borst die je kreeg – gereconstrueerd met een implantaat of met eigen weefsel, of misschien een prothese. Over de ene borst die overbleef en hoe je ervoor koos om als ‘unicorn’ sexy te zijn op jouw manier. Over hoe die nieuwe borst zich soms gedraagt alsof hij een eigen wil heeft. Over Pijn. Asymmetrie. Gevoelloosheid. Een soms harde, ongemakkelijke aanwezigheid die je eraan herinnert dat je lichaam niet meer is zoals het was. Een verandering waar je je hoofd omheen moet krijgen, samen. Veranderingen die soms angst inboezemen.
Je mag dat gewoon kut vinden. Echt waar. Je hoeft niet alleen maar ‘dankbaar’ te zijn voor een reconstructie die voor sommigen voelt, zoals een klant dat zo fijntjes uitdrukte: “als een stoeptegel in je beha”.
‘Gelukkig’ hebben we de omgeving die met je mee denkt (ook voor hen is dit stukje) met ‘op[beurende opmerkingen als:“Maar je hebt er toch een nieuwe?” – Als iemand dat tegen je zegt, mag je ze van een kussen in het gezicht smijten. Of, als je net iets meer zelfbeheersing hebt, nóg maar weer eens ‘rustig’ uitleggen dat een nieuwe auto ook niet goed is als de motor vastloopt.
Ik schrijf dit met een klein beetje humor. Niet om het ‘leuk te maken’ – want het is niet leuk – maar omdat jij en je geliefden misschien al gemerkt hebben: als je niet kan lachen, kan je ook niet huilen. En soms maak je precies de grap waar anderen van schrikken. “Mijn borst hangt weer naar het zuidoosten.” “Ik voel me alsof ik in elkaar ben geflanst op maandagochtend vroeg.” Dat is geen cynisme. Dat is overleven. En dat daar is niks mis mee!.
Dus adem in en adem uit…
Deel 1: Die nieuwe borst is geen feestje (en dat mag je toegeven)
Laten we beginnen met de psychologische rotzooi. Want die is er. En als je daar niet naar kijkt, gaat het alleen maar meer schuren.
De realiteit is dat een problematische reconstructie – denk aan capsulaire contractuur (dat klinkt als een slechte sci-fi film, maar voelt als een keiharde knobbel -maar nu eentje waar je niet bang voor hoeft te zijn-), chronische pijn, een rare vorm, een gevoelloze plek waar ooit je tepel zat – is een goede reden tot rouw, tot (onterechte) schaamte, en tot een gevoel van verlies. Ook al ben je ontzettend blij dat je de kanker overleefd hebt. Die twee dingen bestaan naast elkaar. Je kunt tegelijkertijd “godzijdank leef ik nog” en “waarom heb ik ooit aan deze kutreconstructie begonnen” denken.
En dan is er vaak ook die stille stem: “Waarom ben ik niet tevreden? Anderen zijn toch blij?” Ik wou dat ik kon zeggen “Stop daarmee” maar dat slaat nergens op. Dat is “denk niet aan de roze olifant”. Maar normaliseer dit wel voor jezelf: die frustratie hoort erbij en is terecht. Het is niet ondankbaar. Het is menselijk. Je lichaam is een landkaart van ingrepen geworden, en niet alle wegen zijn goed geasfalteerd.
Wat je kunt doen:
- Erken dat het verdriet er mag zijn. Schrijf het op. Zeg het hardop tegen je partner: “Ik mis mijn oude borst. Ook al was die ziek.”
- Zoek een lotgenoot die ook met een rotte reconstructie rondloopt. Niet iemand die zegt “je moet gewoon positief blijven”, want je moet helemaal niks! En het is al helemaal niet ‘gewoon’ om positief te blijven op zo’n moment. Maar iemand die zegt “ja joh, die van mij is ook een drama af-en-toe”. Dat lucht op.
- Bespreek met je plastisch chirurg of een correctie mogelijk is – vettransplantatie, een ander implantaat, of gewoon verwijderen van dat ding (explantatie). Dat is geen falen. Dat is soms juist voor je kwaliteit van leven zorgen (terwijl bij kanker iedereen vooral bezig is met levenskwantiteit).
Deel 2: De angst die je ’s nachts wakker houdt (en hoe je die iets minder groot maakt)
Die pijn in je borst. Dat trekkerige gevoel. Die harde plek. Je voelt het en je denkt meteen: “het is terug”. Kanker. Lokaal recidief. Of in de andere borst. Of uitgezaaid.
Even de cijfers erbij, want die helpen soms om de paniek wat te relativeren.
Kans op kanker in de andere (gezonde) borst:
- Algemeen: ongeveer 0,5 tot 1 procent per jaar. Na 10 jaar is dat 5 tot 10 procent. Dat is niet niks, maar het is ook geen doodvonnis.
- Alleen bij erfelijke aanleg (BRCA1/2) loopt het op tot 20-40 procent. Dan is een preventieve borstamputatie echt zeker een vroegtijdig gesprek waard.
Kans op lokaal recidief (in de gereconstrueerde borst of borstwand):
- Na borstsparende behandeling met bestraling: 2-5 procent na 10 jaar.
- Na mastectomie: 1-2 procent. Laag… Maar nooit nul.
Het belangrijke verschil: Pijn of verharding door een capsulaire contractuur is geen recidief. Een recidief voelt vaak als een nieuw, vast knobbeltje dat groeit. Capsulaire contractuur verhardt meestal de hele borst geleidelijk. Dat is vervelend, maar niet hetzelfde.
Toch blijft die angst. Begrijpelijk! Zeker als je reconstructie al problemen geeft, wordt elke nieuwe sensatie een alarmsignaal.
Wat je kunt doen (een stappenplan voor 3 uur ’s nachts):
- Schrijf het op. Waar zit het? Sinds wanneer? Hoe voelt het? Nieuw of al eerder?
- Vergelijk met eerdere controles. Had je dit ook vorige maand? Toen de chirurg zei dat het oké was?
- Wacht niet twee weken als het écht nieuw en hard is. Maak gewoon een afspraak voor geruststelling. Niks mis met geruststelling.
- Gebruik een angst-dagboek. Schrijf op: “Ik dacht dat deze pijn een recidief was, maar de oncoloog zei dat het zenuwirritatie was.” Die herinnering helpt een volgende keer.
- Leer jezelf aan: ik check alleen op vaste dagen. Niet elke dag als een bezetene aan je borst gaan voelen. Dat maakt de angst alleen maar groter.
En onthoud: de meeste uitzaaiingen ontstaan in de eerste vijf jaar, daarna neemt de kans sterk af. Je oncoloog heeft een schema. Vertrouw dat schema niet blind, maar gebruik het als anker.
Deel 3: Partners, aanraking en het verschil tussen ‘hot’ en ‘hecht’
Nu komen we bij de kern. Want borstkanker is niet alleen medisch. Het is ook: hoe raak je elkaar nog aan? Hoe blijf je aantrekkelijk voor elkaar, als je niet meer terug kunt naar het oude, zorgeloze lichaam?
Laten we eerlijk zijn: die nieuwe borst is misschien niet ‘hot’ in de zin van een strakke bikini. Hij voelt raar aan, of hij voelt niets. Je partner weet niet goed of hij hem mag aanraken, of juist niet. En jij weet niet goed of je wil dat hij hem aanraakt.
Goed nieuws: aantrekkingskracht is meer dan een mooie borst.
Aantrekkingskracht kan seksueel zijn – en dat is ook gewoon fijn en lekker. Maar het kan ook intiem zijn. En die intimiteit is misschien soms wel meer waard dan al die jaren dat je borsten alleen maar ‘mooi’ waren.
De echte verbinding ontstaat op het moment dat iemand jouw littekens kent. Dat je partner weet waar de operatie was, waar de huid dun is, waar het pijn doet als je te hard duwt. En dat je paartner die plekken niet vermijdt uit angst, maar ze misschien zelfs streelt. Niet omdat het ‘spannend’ is, maar omdat ze nu bij jou horen. Omdat het leven met jou betekent dat die littekens er zijn. En er wordt nog steeds voor jou gekozen.
Dat is intimiteit zonder kapsones. En dat is vaak hechter en echter dan wat je had voordat je ziek werd.
Praktisch voor partners (want jij mag ook wat):
- Vraag gewoon: “Mag ik je aanraken, daar?” Of: “Voel je dit liever niet?” Dat is niet onsexy. Dat is respectvol. Dat is voor de debriefing en voor het voorgesprek als je gaat spelen.
- Je mag best toegeven dat je de oude borst mist. Zeg het dan wel met een knuffel erbij: “Ik mis hoe het was, maar ik ben blij dat jij er nog bent.”
- En ja, ook jij mag lachen om de rare dingen. Samen lachen om een borst die ineens naar links wijst terwijl jij naar rechts kijkt – dat is ook intieme verbinding. Zelfs als jouw lach soms even verkeerd valt.
Deel 4: De kink-kant – meester over je eigen lichaam (ook als het niet meewerkt)
En vanuit een wat meer ‘kinky’ hoek. Misschien ben je een Meesteres, een domina, of speel je gewoon graag met macht, pijn en overgave. Hoe werkt dat dan als je lichaam je in de steek lijkt te laten?
Het botst, en dat mag je benoemen.
Als Meesteres is je lichaam een instrument. Je gebruikt het om controle uit te stralen, om grenzen aan te geven, om te laten zien dat jij de baas bent. Maar een reconstructie die pijn doet, die scheef zit, die gevoelloos is – die ondermijnt soms dat gevoel van onaantastbaarheid. Je denkt: kan een submissive mij nog serieus nemen met deze afgetrapte borst? Ziet hij mijn ‘defect’? En dan word je onzeker. En dat mag, niks mis met onzekerheid. Maar het kan soms wel je rol ondermijnen.
Maar hier komt de wending: je kunt er iets mee.
Ten eerste: transparantie is geen zwakte. Je kunt tegen een speelpartner zeggen: “Ik heb borstkanker gehad. Mijn linkerkant is gevoelloos en pijnlijk. Daar komen we niet. Aan de rechterkant mag je touwen leggen, maar geen impact.” Dat is niet kwetsbaar op een zielige manier. Dat is duidelijk: grenzen aangeven. En dat is precies wat we in BDSM doen.
Ten tweede: maskerende kleding is geen schaamte, het is een tool. Een perfect passend leren corset kan meer doen dan een zachte bh met padding. Bondage-touwen kun je zo leggen dat ze níét over je borstkas lopen – je kunt ze vastmaken aan je heupen, je benen, je schouders. Er zijn altijd alternatieven. Je mag samen wat creatiever worden.
Ten derde: wat te doen met gewenste pijn (slagen, knijpen, naalden) versus ongewenste pijn (zenuwpijn, capsulaire contractuur)? Zo’n ziekteproces maakt een verschil. Leg het verschil uit aan je partner. “De pijn die ik fijn vind, is scherp en tijdelijk. De pijn die ik niet wil, is een doffe, zeurende herinnering aan de operatie.” Als je dat verschil hardop kunt benoemen, ben je al verder dan negentig procent van de mensen.
En ja, je mag ook overwegen om die borst helemaal uit te schakelen als erogene zone. Gewoon zeggen: “Die kant is verboden terrein. Focus op mijn rug, mijn nek, mijn benen.” Dat is niet omdat je je schaamt. Dat is omdat je weet wat je wel en niet fijn vindt. En dat heet zelfkennis.
Deel 5: De littekens strelen – het ultieme vertrouwen
Dit is het soms vergeten stuk van het verhaal.
Er komt een moment – misschien ben je er al – dat iemand je littekens ziet. Niet toevallig, maar omdat jij beslist dat je ze laat zien. Omdat je vertrouwt. Bereid dat voor. Want het is op zo’n momoent belangrijk dat die persoon kijkt en niet terugdeinst. Die raakt ze misschien zelfs aan. Heel zachtjes. Niet omdat het ‘spannend’ is of ‘stoer’. Maar omdat die littekens nu bij jou horen. Omdat die persoon jou wil, inclusief alles wat er is gebeurd.
Dat is geen fetish. Dat is geen medisch wonder. Dat is gewoon intimiteit op het hoogste niveau. En het is voor veel mensen met borstkanker een van de mooiste dingen die ze na de ziekte meemaken. Iemand die mijn littekens kent en ze niet erg vindt. Die ze zelfs streelt, omdat ze van mij zijn.
Als je dat hebt, houd het dan vast. En als je het nog niet hebt, weet dan dat het bestaat. Het is niet afhankelijk van een perfecte borst. Het is afhankelijk van mensen die durven kijken en durven blijven.
Deel 6: Wat je omgeving (en de scene) niet begrijpt – en hoe je ermee omgaat
Je zult merken dat mensen rare dingen zeggen. “Je hebt er toch een nieuwe?” “Wees blij dat je leeft.” “Ik ken iemand die is overleden, dus jij hebt geluk gehad.”
Die opmerkingen zijn vermoeiend. Ze zijn zelfs onbedoeld vernederend. Ze doen alsof je geen recht hebt op verdriet of frustratie. Wat je kunt doen: train een antwoord. Iets als: “Ik ben blij dat ik leef, én ik mag het vervelend vinden dat mijn borst pijn doet. Die twee dingen sluiten elkaar niet uit.”
Binnen de kinky gemeenschap kan het ook lastig zijn. Word je litteken geaccepteerd als ‘body modification’ (vet cool, sommige mensen laten zich expres tatoeëren of scarificeren) of word je gemeden? De ervaring leert: het wisselt. Veel kinky mensen zijn juist opener over lichamelijke imperfecties, omdat ze al gewend zijn om buiten de ‘normale’ schoonheidsidealen te leven. Maar niet iedereen. Er zijn ook snobs in leather en latex.
Wat helpt:
- Zoek lotgenoten binnen de scene. Bestaat die groep nog niet? Maak er een. Een appgroepje met vier kinky mensen met borstkanker is goud waard.
- Organiseer een avond waarin kwetsbaarheid niet als zwakte wordt gezien, maar als kracht. “Dit is mijn litteken. Dit mag je zien. Dit mag je vragen.”
- En wees voorbereid op onhandige opmerkingen. Reageer met humor: “Ja, mijn borst is een beetje een kubistische interpretatie van de natuur.” Of met harde duidelijkheid: “Daar praat ik niet over, dankjewel.” Het is jouw weg. En je mag er over een maand weer anders over denken.
Deel 7: Een misschien rauwe afsluiter – voor jou, je partner, en je nieuwe lichaam
Je lichaam na kanker is vaak best ‘beschadigd’ door de kanker zelf, en vaak ook met name door de behandeling die nodig was. Maar dat betekent niet dat het ‘stuk’ is… Het is wel anders! Het is een nieuw speelveld (al zeker binnen BDSM) met duidelijke nieuwe regels. En die regels mag jij maken.
Misschien word jij de cyborg-meesteres met een implantaat dat nooit warm wordt. Misschien word jij de littekenprinses die alleen nog maar geniet van aanraking op haar rug. Misschien ontdek je dat seks zonder borsten juist bevrijdend is, omdat je eindelijk niet meer wordt gereduceerd tot die twee bollen weefsel.
Wat je ook wordt: het is jouw verhaal. En je mag erom lachen. Je mag erom huilen. Je mag allebei doen, óók binnen tien minuten.
Tot slot voor de partner die dit leest: Jij mag ook verdrietig zijn. Jij mag de oude borst missen. Jij mag je schuldig voelen omdat je dat mist. Maar blijf erbij. Vraag hoe het gaat. En als je samen kunt glimlachen om de rare, kromme, gevoelloze, soms ondraaglijke realiteit… dan is er nog steeds liefde. En die is sterker dan het missen van een borst.
En voor jou, degene met die nieuwe borst die-soms-echt-even-niet-wil-meewerken: je bent geen projectielichaam. Je bent een overlever met een paar littekens die een verhaal vertellen. En wie dat verhaal niet kan horen, die mag doorlopen. Jij mag er zijn. Pijn en al. Littekens en al. Humor en al.
Hans (Kink Aware Coach .com)
Mijn vraag aan jou:
Sex is not the enemy!
Taboe-onderwerpen zijn soms lastig te vinden op het net omdat we er niet over praten en seks actief wordt weggefilterd door veel social media. Ik probeer om in begrijpelijke taal iets zinnigs te zeggen over dingen die ineens weer ‘taboe’ aan het worden zijn, als het aan politici, het bankwezen en facebook ligt.
Vandaar, als jij iemand weet die iets aan dit stukje zou hebben, als jij vindt dat ik iets gezegd heb dat hout snijdt wat jou betreft, stuur zo iemand dan zelf even de URL van dit stukje. Hieronder staan de socialmediaknoppen die je daarvoor ook kunt gebruiken. Zodat we zinnig blijven praten over seks.
Wanneer dit artikeltje jou aan het denken zet en je wilt daar eens contact over opnemen: klik hier*
Heb je aanvullingen of opmerkingen: plaats hieronder een reactie…
< contact opnemen >
Quotes:
Neem even contact met me op voor een afspraak door hier te klikken*
West-coaching Privacy statement
Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.